Blog 5. Ik wil niemand tot last zijn
- Liesbeth Kwakernaak

- 16 jun
- 7 minuten om te lezen
Subtitel: Over ontvangen, gezien en gedragen worden
Thema: ontvangen, afhankelijkheid, voorziening en vertrouwen
Categorie: Geloof & coaching
Bijbeltekst: Galaten 6:2, 2 Koningen 4:42-44 en Jesaja 30:15
Ik zie een vrouw lopen, een kruik op haar schouder. Ze haalt water voor haar gezin, zoals ze dat gisteren ook deed. En eergisteren. En de dag ervoor.
Ze vult de kruik, ze zorgt, ze geeft. En morgen zal ze opnieuw lopen, omdat ze houdt van de mensen om haar heen. Op een dag vraagt iemand haar: "wie zorgt er voor jou?". De vrouw blijft even staan. Niet omdat ze het antwoordt niet weet, maar omdat niemand haar die vraag ooit eerder stelde.
De reacties op een paar eenvoudige polls, bij de laatste post die ik schreef, blijven door mijn hoofd gaan. Op de vraag wat vrouwen het vaakst tegen zichzelf zeggen, koos een groot deel voor: "Ik wil niemand tot last zijn."
Dat raakte me. Niet alleen omdat zoveel vrouwen dat antwoord gaven, maar ook omdat ik het zelf zo herken.
Ik denk dat veel vrouwen ontzettend goed zijn geworden in zorgen voor anderen.
We dragen. We regelen. We helpen. We luisteren. We bidden.
En vaak doen we dat met liefde.
En toch vraag ik me af hoeveel vrouwen er ergens onderweg zichzelf zijn kwijtgeraakt.
Ik denk aan moeders die midden in de nacht opstaan voor een ziek kind.
Aan vrouwen die zorgen voor hun ouders terwijl hun eigen agenda al overvol is.
Aan vrouwen die overal proberen de vrede te bewaren.
Aan vrouwen die zichzelf wegcijferen omdat ze niet willen dat een ander tekortkomt.
Misschien herken jij daar iets van.
Dan wil ik eerst dit zeggen:
Ik zie hoeveel je draagt.
Ik zie hoe hard je je best doet.
Ik zie hoeveel liefde er achter zit.
Want de meeste vrouwen die uiteindelijk uitgeput raken, zijn niet lui, ongeïnteresseerd of egoïstisch. Vaak zijn het juist de vrouwen met een groot hart.
De vrouwen die altijd nog even doorgaan.
Nog één was.
Nog één gesprek.
Nog één boodschap.
Nog één keer helpen.
En voor je het weet, is er opnieuw een dag voorbij gegaan waarop iedereen iets van jou kreeg, behalve jijzelf.
En juist daarom raakten de antwoorden op de polls mij zo, want achter de woorden:
"Ik wil niemand tot last zijn" hoorde ik niet alleen zelfstandigheid.
Ik hoorde vermoeidheid, vrouwen dit al heel lang sterk proberen te zijn, die zichzelf al heel lang staande houden en soms ook vrouwen die zichzelf onderweg een beetje zijn kwijtgeraakt.
Een vraag voor jou op dit moment: wat kost dit jou eigenlijk?
Ontvangen
De afgelopen jaren heeft God mij op een plek gebracht waar ik iets aan het leren ben wat ik jarenlang liever uit de weg ging.
Ontvangen.
Dat klinkt misschien eenvoudig, maar ik ontdek steeds opnieuw hoe moeilijk ik dat eigenlijk vind. Mijn werk was jarenlang een plek waar ik gezien werd.
Een plek waar ik wist wat mijn taak was, waar ik iets kon betekenen en waar ik resultaat zag van wat ik deed. En het was ook een plek waar ik even niet hoefde stil te staan bij alles wat pijn deed, de gebrokenheid, het gemis van mijn kinderen; de gevoelens die ik liever niet voelde. Achteraf zie ik hoe hard ik het nodig had om bezig te blijven.
Totdat God iets anders van mij vroeg. Vorig jaar rond deze tijd, heb ik ervaren dat God me vroeg mijn werk, als preventie assistente in mondzorg, los te laten. Een sprong in het diepe..
Loslaten en Hem vertrouwen. Dat vond ik ontzettend moeilijk en het heeft een half jaar geduurd voordat ik me durfde over te geven. Het was zeker één van de moeilijkste dingen die ik ooit had gedaan.
Want wat als God vraagt iets los te laten waar je jarenlang houvast aan hebt gehad?
Wat als Hij je uitnodigt naar een plek waar je niet meer kunt terugvallen op doen, presteren, bewijzen of oplossen?
Ik had zoveel bezwaren, zoveel vragen, zoveel "ja maar's"!
En toch kwam iedere keer weer de stem van God door Zijn woord tot mij:
In rust en inkeer ligt je redding, in stilheid en vertrouwen je kracht. Jesaja 30:15
Ik heb me uiteindelijk overgegeven. Aan Hem. Ik wist niet hoe nu verder, God wist het wel. Nu ziet mijn leven er anders uit: de praktijk groeit stap voor stap en ondertussen leer ik steeds opnieuw om te vertrouwen op Gods leiding en voorziening.
De ene dag gaat dat makkelijker dan op andere dagen.
Er zijn ochtenden waarop ik wakker word en merk dat mijn energie beperkt is.
Dagen waarop ik niet het gevoel heb dat ik alles kan geven wat ik zou willen geven.
En juist op die momenten lijken oude gedachten sneller naar boven te komen.
Gedachten die zeggen dat ik meer zou moeten kunnen. Dat ik verder zou moeten zijn.
Dat wat ik vandaag heb, niet genoeg is. Terwijl ik de laatste tijd steeds meer begin te ontdekken dat de vermoeidheid zelf niet het grootste probleem is.
Het is wat ik ga geloven wanneer ik moe ben.
Want als ik eerlijk ben, kijk ik op zulke momenten vaak eerst naar alles wat (in mij) ontbreekt. Naar wat ik niet heb, niet kan of nog niet zie.
Ik ben niet genoeg, ik heb niet genoeg en ik doe niet genoeg..
En misschien is dat wel precies waarom een verhaal uit 2 Koningen mij de laatste tijd zo bezighoudt.
Kijken naar wat ontbreekt
In 2 Koningen 4 wordt een bijzonder verhaal verteld.
Een man brengt twintig gerstebroden naar de profeet Elisa. Op zichzelf al niet veel, maar wat het nog opmerkelijker maakt, is dat er honderd mannen gevoed moeten worden.
Wanneer Elisa zegt dat het brood uitgedeeld moet worden, reageert Gehazi direct:
"Hoe zou ik dat aan honderd man kunnen voorzetten?"
Eerlijk? Ik begrijp die reactie wel. Sterker nog: ik herken mezelf erin.
Want als ik kijk naar wat ik vandaag niet heb, wat ik niet kan, wat ik niet zie of wat nog niet gebeurd is, dan voelt twintig broden inderdaad als veel te weinig.
Twintig procent energie.
Twintig procent kracht.
Twintig procent moed.
En een lijst met dingen die eigenlijk honderd procent lijken te vragen.
Misschien herken je dat gevoel wel, dat wat je hebt, niet op lijkt te wegen tegen wat er van je gevraagd wordt.
Op zulke momenten lijkt mijn blik zich vanzelf te richten op wat ontbreekt. Op wat er niet is, op alles wat ik tekort denk te komen.
Misschien herken jij dat ook wel.
Dat je kijkt naar je agenda en denkt: hoe ga ik dit volhouden?
Dat je kijkt naar je huwelijk en denkt: hoe moet dit ooit anders worden?
Dat je kijkt naar jezelf en denkt: ik zou verder moeten zijn dan dit.
Of je kijkt naar de toekomst en zie je vooral vragen waarop je nog geen antwoordt hebt.
En misschien is dat ook niet zo vreemd. Want vermoeidheid vernauwt onze blik vaak tot wat er niet is. Tot het tekort.
Wat als God iets anders ziet?
Wat mij zo raakt in dit verhaal, is dat Elisa helemaal niet in discussie gaat met Gehazi.
Hij zegt niet dat er geen tekort is.
Hij zegt ook niet dat twintig broden ineens tweehonderd broden zijn geworden.
Hij ontkent de werkelijkheid niet.
Hij zegt eenvoudig: "Geef het aan de mensen te eten." Met andere woorden:
breng maar wat er is. Breng maar wat er vandaag daadwerkelijk in je handen ligt.
Hoe vaak ben ik bezig met wat ik niet heb?
Terwijl God mij steeds opnieuw lijkt uit te nodigen om te kijken naar wat Hij vandaag geeft.
Niet morgen.
Niet volgend jaar.
Vandaag.
En wat kan dat dan zijn?
Misschien twintig procent energie
Een gebed voor iemand
Een maaltijd
Je kindje troosten of voeden
Een vriendelijk woord
Een berichtje aan iemand
Je huishouden
Je werk
.... vul maar in
En dat is ook wat ik meer en meer leer; dat geloof niet begint bij genoeg hebben, maar bij het durven brengen van wat er is. Hoe klein het ook voelt.
Hoe ontoereikend het ook lijkt, want het verhaal is nog niet klaar: uiteindelijk lag de wonderkracht niet in de broden.
De wonderkracht lag in Gods handen.
Leven vanuit wat je ontvangt
Nadat Elisa had gezegd dat het brood uitgedeeld moest worden, gebeurde precies wat God had beloofd. Iedereen at en niet een beetje.
Niet net genoeg om de ergste honger te stillen, er was voldoende voor iedereen en er bleef zelfs over. Dat raakt me, want zo vaak leef ik vanuit de gedachte dat er tekort zal zijn.
Te weinig tijd.
Te weinig energie.
Te weinig kracht.
Te weinig mogelijkheden.
Maar God laat in dit verhaal iets anders zien.
Niet dat er geen tekort lijkt te zijn, maar dat Zijn voorziening groter is dan ons tekort.
Dat Hij niet afhankelijk is van wat wij missen.
Dat Hij kan werken met wat wij in Zijn handen leggen.
Dat Hij meer kan doen met onze twintig broden dan wij ooit voor mogelijk hadden gehouden.
Misschien herken jij jezelf in dit verhaal.
Misschien ga je al langer door dan goed voor je is, misschien ben je moe.
Misschien voelt het alsof je al heel lang geeft vanuit een (bijna) lege kruik en weet je niet meer hoe het nog anders kan.
Dan wil ik nog een vraag stellen:
Wat ligt er vandaag in jouw handen? Wat heb je ontvangen?
Welke kracht, welke tijd, welke mogelijkheden heeft God jou vandaag gegeven?
Misschien voelt het als twintig broden voor honderd mensen.
Misschien voelt het als veel te weinig.
Gehazi rekent, Elisa luistert.
God vraagt niet aan Gehazi: maak er meer van. Hij vraagt: geef het.
Ze aten en ze hielden over.
Voor mij is dit een les die ik steeds opnieuw moet leren: mijn hoop ligt niet in wat ik heb, mijn hoop ligt in Wie God is! Hij is genoeg.
Vandaag de uitnodiging aan jou, die blijft dezelfde:
Vul jouw naam maar in:
..........,
Geef Mij wat je vandaag hebt.
Vandaag
Dit is vandaag, het is alles wat je hebt.
Morgen komt later en gisteren is alweer weg.
Dit is vandaag, met z’n vreugde en zijn pijn
en je hoeft maar één ding te doen. Dat is: er zijn.
(Lied: dit is vandaag, Kinga Ban Songteksten.net - Songtekst: Kinga Bán - Vandaag)
Afsluiting
"Men zal eten en overhouden, want zo zegt de HEERE."
2 Koningen 4:43
Gebed:
Heere,
Dank U dat U ziet wat wij dragen.
Dank U dat U ons niet beoordeelt op hoeveel we kunnen geven, maar dat U ons uitnodigt om dicht bij U te leven.
Wilt U zorgen voor iedereen die zich vandaag herkent in deze vrouw met de kruik.
Voor wie zo moe is, voor wie volhoudt, voor wie het soms niet meer weet.
Leer ons om met open handen naar U toe te komen.
Met wat er vandaag is.
Niet meer, niet minder.
En wilt U ons helpen vertrouwen dat Uw genade genoeg is voor vandaag.
Amen. 🌿
Shalom, liefs Liesbeth
In His Light, we bloom



Opmerkingen